"De stilte was wat restte"

met werken van Yvonne Struys
Homepage / Actueel / Exposities / Lopende exposities / "De stilte was wat restte"

locatie Galerie I, II en overloop 3D-plattegrond datum 13 mei t/m 14 augustus 2017

T/m 14 augustus 2017 is er in Museum Klooster Ter Apel een bijzondere expositie te zien met kunstwerken van Yvonne Struys. In "De stilte was wat restte" (citaat van John Kalman Stefansson), zijn o.a. kunstwerken te zien die ge´nspireerd zijn op kazuifels, strijdhemden, oude religies en de gedichten van Paul Celan.

Yvonne Struys Beeldend kunstenaar Yvonne Struys (Rotterdam, 1941) Laat zich graag inspireren door volksverhalen en mythen uit vervlogen tijden, poŰzie en muziek. Haar voorliefde gaat uit naar oude en doorleefde materialen met een geschiedenis. Zij verwerkt die en voegt er taal aan toe: een strofe uit een gedicht, uit een heldenepos of een lied. Daardoor vertellen haar werken verhalen over goden, helden en heiligen die strijden om het bestaan, over de beproevingen en de innerlijke conflicten van de mens. Het streven, het zoeken en het verlangen naar rust en inkeer is een thema dat veel voorkomt in haar kunst.

Paul Celan als inspiratiebron Wereldwijd zijn er beeldende kunstenaars die ge´nspireerd raken door de gedichten van Paul Celan. Voor Struys kan het een zin, of een woord zijn, wat een werk ineens nodig heeft of een sfeer. Zoals enkele zinnen van Celan: "gedachten schaduwen" en "het opwaarts staande land vol scheuren" en "Hemel en aarde ontbreken, uitgewist". "De wereld is weg, ik moet je dragen", maar voor haar het meest ontroerende is de regel uit het gedicht Espenbaum: "Meiner Mutter Haar ward nimmer Weiss". Deze regel inspireerde haar tot het maken van een prachtig werk dat te zien is in de tentoonstelling in Museum Klooster Ter Apel. Toeval speelt ook een rol in haar kunst. De schilderijen van de lege fabrieken of de lege barakken, werden ineens beladen, doordat er drie brancards voor werden geplaatst.

Paul Celan, "De adem en het lot"

De taal van zijn onderdrukker
Paul Celan werd onder de naam Paul Antschel in 1920 te Czernowitz in RoemeniŰ geboren. Zijn ouders waren Duitssprekende Joden. Zijn jeugd werd getekend door antisemitisme. In 1942 werden Celans ouders door de Duitse bezetter naar een werkkamp gedeporteerd en daar vermoord. Hijzelf wist aanvankelijk onder te duiken, maar moest uiteindelijk in een werkkamp dwangarbeid verrichten.

Hij overleefde de oorlog en vestigde zich in 1949 in Parijs na een vlucht uit Boekarest en Wenen. Hij schreef in het Duits, zijn moedertaal. Door gedichten in deze taal te schrijven herdacht hij zijn moeder. Maar het was ook de taal van zijn onderdrukker... Naast zijn werk als dichter bezorgde hij de Duitse literatuur ook een groot aantal vertalingen van poŰzie uit het Frans, Engels, Russisch, Italiaans, Roemeens, Portugees en Hebreeuws.

Zware depressies
Celan was een zeer gecompliceerd en gekweld mens en leed aan vervolgingswaanzin. In de jaren 60 leed hij aan zware depressies en ging af en toe naar een psychiatrische inrichting. Daarna ging het bergafwaarts met hem. Hij kon het leven niet langer aan en op 20 april, de geboortedag van Hitler, sprong hij in de Seine en vond de diepte.

Todesfuge
Celan wordt algemeen beschouwd als ÚÚn der grootste naoorlogse dichters. "De adem en het lot", gaf hij in zijn gedichten mee, zoals hij het zelf uitdrukte. Hij schreef, be´nvloed door het symbolisme en het surrealisme, gedichten waarin hij op zijn eigen wijze zijn ervaringen met de Holocaust verwerkte. EÚn van zijn bekende gedichten is "Todesfuge", een hartenkreet, een aanklacht, een bezwering van de Duitse vernietiging. Het gedicht dat voor hem, meer dan elk ander gedicht, met de dood van zijn moeder te maken had.

2017 © Klooster Ter Apel
Boslaan 3-5, Ter Apel [NL]   Tel. +31 [0]599 581370   info@kloosterterapel.nl
Twitter Facebook
colofon  |  sitemap  |  cookies  |  links  |  contact  |  mobiel
Klooster Ter Apel
Boslaan 3-5
Postbus 139
NL-9560 AC Ter Apel
Tel. +31 [0]599 581370
Fax. +31 [0]599 587140
www.kloosterterapel.nl
info@kloosterterapel.nl